Van regionaal plan naar dagelijkse praktijk: zo werkt Salem met de Cirkel van Vijf

Hoe wordt een regionaal transformatieplan zichtbaar in het dagelijks handelen van zorgprofessionals? Bij Salem begint dat met een andere vraag aan bewoners: niet welke zorg kunnen wij overnemen?, maar wat kunt u zelf nog en wat is nodig om dat mogelijk te maken?

Link gekopieerd!

Die manier van kijken staat centraal in de Cirkel van Vijf, één van de initiatieven binnen het transformatieplan ZHE-BAR. In de regio werken organisaties gezamenlijk aan meer zelf- en samenredzaamheid, zodat inwoners zo lang mogelijk regie over hun eigen leven houden en professionele zorg beschikbaar blijft waar die echt nodig is.

‍

Salem brengt die gezamenlijke ambitie naar de praktijk. Teamleider Geerke den Hartog en EVV’er Jeanine de Vos vertellen hoe de organisatie de Cirkel van Vijf vertaalt naar intakegesprekken, hulpmiddelen, technologie en vooral: een andere manier van denken en handelen.

Eerst kijken naar wat wél kan

Zorgprofessionals zijn gewend om mensen te helpen. Wanneer iemand ergens moeite mee heeft, is de eerste reflex dan ook vaak om ondersteuning te bieden of een handeling over te nemen. De Cirkel van Vijf nodigt medewerkers uit om vóór die stap eerst breder te kijken.

‍

Wat kan een bewoner nog zelf? Kan een hulpmiddel of technologie helpen? Is een aanpassing in de omgeving mogelijk? Wat kunnen naasten, het sociale netwerk of andere partijen betekenen? En wanneer is professionele zorg daadwerkelijk nodig?

‍

Die vragen sluiten direct aan bij de beweging die organisaties binnen het transformatieplan ZHE-BAR gezamenlijk willen maken: meer uitgaan van mogelijkheden, zelfstandigheid en het netwerk rondom inwoners, voordat professionele zorg wordt ingezet.

‍

Voor Salem betekent dit dat niet alleen aandacht wordt besteed aan wat iemand niet meer kan, maar juist ook aan wat nog wél mogelijk is. Het doel is dat bewoners zo lang mogelijk hun zelfstandigheid en eigen regie behouden.

‍

Vanaf de intake anders in gesprek

Om te voorkomen dat de Cirkel van Vijf alleen een theoretisch model blijft, heeft Salem deze zo concreet mogelijk gemaakt. Zo ontwikkelde de organisatie eigen gesprekskaarten voor het intakegesprek. Daarmee worden medewerkers geholpen om vanaf het eerste contact met een bewoner verschillende mogelijkheden te onderzoeken.

‍

De vragen op de kaarten zorgen ervoor dat het gesprek niet automatisch begint bij het bestaande zorgaanbod. Wat kan iemand zelf blijven doen? Welke ondersteuning is daarvoor nodig? En welke rol kunnen technologie, de omgeving en naasten daarin spelen?

‍

Ook ontwikkelde Salem een fysieke uitvoering van de Cirkel van Vijf en een film waarin het gedachtegoed op een laagdrempelige en herkenbare manier wordt uitgelegd.

‍

Juist die vertaling van een gezamenlijk regionaal uitgangspunt naar concrete instrumenten op de werkvloer maakt de aanpak van Salem interessant voor andere organisaties binnen de transformatie.

‍

Soms is een hulpmiddel de beste ondersteuning

Een voorbeeld uit de praktijk is de inzet van de Spencer, een hulpmiddel dat bewoners kan ondersteunen bij het zelfstandig innemen van medicatie.

‍

Wanneer een bewoner moeite heeft om medicatie te organiseren of op het juiste moment in te nemen, zou de eerste gedachte kunnen zijn dat een zorgmedewerker dit moet overnemen. Door vanuit de Cirkel van Vijf te kijken, komt ook een andere mogelijkheid in beeld: kan technologie iemand ondersteunen om dit zelf te blijven doen?

‍

Daarmee verandert niet alleen de oplossing, maar ook de manier waarop naar de bewoner wordt gekeken. Niet de beperking staat centraal, maar de vraag wat iemand met de juiste ondersteuning nog zelf kan.

‍

Een andere manier van werken vraagt tijd

Zo’n verandering gebeurt niet van de ene op de andere dag. Het vraagt van medewerkers dat zij soms bewust een stap terug doen. Want iets snel overnemen kan op het moment zelf gemakkelijk en behulpzaam voelen. Toch kan dat er ook toe leiden dat een bewoner zelfstandigheid verliest.

‍

Binnen teams wordt daarom steeds vaker besproken waarom bepaalde zorg wordt overgenomen. Had het ook anders gekund? Wat zou de bewoner zelf willen? En kan een kleine aanpassing al genoeg zijn?

‍

Volgens Geerke vraagt dat om tijd, herhaling en ruimte om met elkaar te oefenen. Het is bovendien belangrijk duidelijk te maken dat de Cirkel van Vijf niet betekent dat er simpelweg minder zorg wordt geleverd. Het gaat erom te onderzoeken welke ondersteuning het beste past bij de bewoner.

‍

Daarmee raakt de verandering niet alleen aan werkprocessen, maar vooral aan gedrag en cultuur. Precies daar ligt een belangrijk onderdeel van de bredere transformatie: een gezamenlijke ambitie krijgt pas betekenis wanneer professionals haar herkennen en toepassen in hun dagelijks handelen.

‍

Herkenning door film en theater

Alleen uitleg geven is daarvoor niet voldoende, merkte Salem. Praktische hulpmiddelen en herkenbare voorbeelden helpen om de nieuwe manier van kijken echt te laten landen.

‍

Daarom werkte Salem onder andere samen met Ervarea, een theatergroep die situaties uit de dagelijkse zorgpraktijk uitbeeldt. Medewerkers herkennen daarin hun eigen handelen: wanneer nemen we automatisch iets over? Wanneer helpt dat iemand echt? En wanneer zou een andere oplossing beter passen?

‍

Die herkenning brengt het gesprek op gang. Niet alleen medewerkers worden daarbij betrokken. Salem besteedt ook tijdens mantelzorgdagen aandacht aan de Cirkel van Vijf en neemt vrijwilligers mee in het gedachtegoed. Zo ontstaat rondom bewoners steeds meer een gezamenlijke manier van kijken en praten.

‍

Geen project, maar vanzelfsprekend handelen

Voor Salem is de implementatie geslaagd als medewerkers de Cirkel van Vijf uiteindelijk niet meer ervaren als een apart project of model dat erbij gepakt moet worden.

‍

Het streven is dat bij een nieuwe hulpvraag vanzelf de vraag ontstaat: wat kan deze bewoner zelf en wat kunnen we doen om dat mogelijk te maken?

‍

Geerke en Jeanine zien dat die bewustwording groeit. Medewerkers kijken steeds vaker niet alleen naar wat niet meer lukt, maar juist naar mogelijkheden. Soms biedt technologie uitkomst, soms een hulpmiddel of een andere rol voor de omgeving en soms blijft professionele zorg noodzakelijk.

‍

Hun advies aan andere organisaties die met de Cirkel van Vijf willen starten is dan ook: maak het concreet en begin klein. Kies bijvoorbeeld een herkenbare praktijksituatie of begin bij het intakeproces. Gebruik concrete hulpmiddelen en voorbeelden, deel successen en blijf het gesprek met medewerkers voeren.

De ervaringen van Salem laten daarmee zien hoe de regionale transformatie stap voor stap werkelijkheid kan worden: niet alleen door plannen en modellen te ontwikkelen, maar door ze te vertalen naar gesprekken, keuzes en gedrag op de werkvloer.

‍

Dat is ook de bredere beweging binnen ZHE-BAR. De Cirkel van Vijf biedt organisaties een gezamenlijke taal en denkwijze; iedere organisatie geeft daar in de eigen praktijk vorm aan. Door die ervaringen met elkaar te verbinden, kunnen partners van elkaar leren en samen verder bouwen aan zorg en ondersteuning waarin zelfstandigheid, eigen regie en samenredzaamheid centraal staan.